Het is inmiddels 5 jaar sinds mama ziek werd en een half jaar later veel te snel overleed, maar ook zuslief die ziek werd en plotseling overleed. Vijf jaar waarin ik door ging en overleefde. Jaren waarin ik mezelf op de been hield, simpelweg omdat ik geen keus had. Kinderen, een drukke baan, naasten die om aandacht vroegen en sociale contacten om in stand te houden. Jaren waarin ik dacht dat het prima ging, dat ik de verliezen wel kon dragen, zolang ik er maar niet teveel aandacht aan besteedde. Jaren waarin ik dacht dat het verlies doorléven niet nodig was, zolang ik maar door ging met leven.
Totdat dóórleven níet meer vanzelfsprekend was
Na de zomervakantie van 2025 trapte mijn lichaam op de rem. Ik had weinig motivatie om weer aan het werk te gaan en mailtjes beantwoorden was een enorme opgave. Omdat de moeilijkheden me in de voorbije jaren al langer in de weg zaten om mijn werk te kunnen blijven doen, besloot ik naar de bedrijfsarts te stappen met de vraag “hoe zorg ik dat hetgeen me thuis overkomt, mijn werk niet beïnvloedt? En andersom: “hoe zorg ik dat ik in mijn werk ruimte heb voor alles wat me thuis overkomt?”. Geen intentie om minder te gaan werken of me ziek te melden, gewoon een vraag om hulp van een deskundige.
De bedrijfsarts constateerde een verminderde en wisselende belastbaarheid, en een dysbalans in energie. Om het risico op volledige ziekmelding te verkleinen, adviseerde ze tijdelijk minder te gaan werken. Een maand later werd dit een officiële ziekmelding via een tweede bedrijfsarts, die zelfs adviseerde om een absoluut minimum aan uren te werken. Waar ik dacht dat dat voor verlichting zou zorgen en aan het werk blijven me goed zou doen, kwam ik er gaandeweg achter, dat juist dat hetgeen was wat nog meer onrust gaf. Want wat doe je nog wel in de uren die je werkt en wat niet? Wat doe je op een dag waarop werken echt niet gaat, of je juist wél lekker in je vel zit? En als de kinderen elke middag thuiskomen en om aandacht vragen, hoe ga je daar dan mee om? Ik hunkerde naar tijd voor mezelf, de mogelijkheden qua oppas waren beperkt en het kostte teveel energie om überhaupt geregeld te krijgen.
Het begin van een zoektocht
Maandenlang bleef ik worstelen met soms wel, maar vaak niet werken, wat op zich al de nodige zorgen gaf. De drive die ik altijd had was verdwenen en de stroom aan ideeën die m’n hoofd altijd overspoelde hield ineens op te bestaan. Afspraken met fijne collega’s wilde ik liefst zo snel mogelijk afronden en naar kantoor gaan was een steeds grotere opgave. Het lukt me niet meer om mee te komen in wat het werk van me vroeg en kon niet langer voldoen aan mijn eigen standaarden. Ik voelde spanningen in mijn lichaam, had regelmatig last van oorsuizen, sliep slecht, piekerde veel en had vaak zere ogen. Bovenal was ik doodmoe.
Langzaam begon ik deze maanden te beseffen hoe ver ik de afgelopen jaren over m’n grenzen ben gegaan en hoeveel alles van me gevraagd heeft. De periode van mantelzorgen in Apeldoorn, terwijl er thuis kleine kinderen rondliepen en corona nog in volle glorie aanwezig was. Het overlijden van mama en daar bovenop de ziekte en het overlijden van zuslief. Verlies wat ik pas veel later écht ging voelen en ruimte voor voelde om bij stil te staan. Rouw die zich heeft opgestapeld, wat sowieso al ingewikkeld is. Wie mis je wanneer, wat mis je van wie en wie mis je nou eigenlijk het allermeest? Maar ook is het mantelzorgen van mama, het nachtelijk waken en het daadwerkelijke moment van overlijden van zuslief, een vorm van trauma wat zich niet zomaar laat vergeten.
Even zo groot is de zoektocht in ons leven als gebroken gezin. De zorgen om een papa, een zwager en de kinderen van zuslief. Nieuwe partners die ons gezin binnen wandelen, een ouderlijk thuis dat verandert, spullen en herinneringen die vervagen of verdwijnen, terwijl ik juist zo hard op zoek ben naar houvast en stabiliteit. Ik zoek een nieuwe weg in een gezin met lege stoelen en littekens, verjaardagen met ander gezelschap, een invulling van sterfdagen, een graf dat voor beide ontbreekt. Het is zoeken naar een andere vorm van verbinding en samenzijn met de mensen die nog over zijn. Het is zoeken naar nieuwe vormen van troost en steun, die mama en zuslief mij mijn leven lang gegeven hebben.
Rouw verandert wat je aan kan
Ik probeer te begrijpen wat rouw met me doet en wat dit verlies met zich mee brengt. Welke hulp is er en wat helpt me verder? Welke relaties zijn er nog en hoe ga ik daarmee om? De zoektocht met wie ik erover kan praten en de constatering dat het een verdomd eenzaam proces is. Niet alleen vanwege het feit dat het voor een ander moeilijk inleven is in wat zo’n groots verlies met je doet, maar ook het feit dat verlies sowieso voor iedereen anders voelt en voor ieder een andere betekenis heeft. Rouw heeft impact op mijn sociale batterij, mijn geduld, mijn energie én mijn grenzen. Soms van de ene op de andere dag. En dat is ontzettend frustrerend als je gewoon door wilt. Mijn leven ziet er anders uit en dat doet pijn. Dingen die vroeger leuk waren of die ik gemakkelijk deed, kosten nu energie. Een avondje met vrienden is soms uitputtend, van een volle werkdag ben ik dagen later soms nog moe, keuzes maken voelt vaak overweldigend en een simpel gesprek vraagt concentratie die ik niet altijd heb. Het frustrerende is dat ik er van buitenaf gewoon uitzie en niemand ziet wat het me kost.
De zoektocht maakte ook duidelijk dat ik de afgelopen jaren uitgeput raakte, niet alleen van de verliezen zelf, maar vooral ook van de impact die daarop volgde. De impact op familie aangelegenheden die het jaar door voorbij komen, de impact op ons gezin, sport, werk en sociale contacten. Alles wat nu anders voelt dan voorheen. Uitgeput van hoe het voelt om een zusje te zijn zonder grote zus, het verder moeten zonder de (al dan niet fysieke) zorg van een moeder en de wetenschap dat ik op een gegeven dag de enige ben die over is in ons gezin, nu ook zuslief er al niet meer is. Uitgeput van de zorgen om anderen en de veranderde verantwoordelijkheid die ik daarbij voel. Uitgeput van het traject met Jelle, achterstallig onderhoud in huis en het verlies van een fundament. Uitgeput van de grote zoektocht in een wereld waar haast alles niet meer voelt zoals het was.
Ik mis de oude ik
Inmiddels zijn we een jaar verder sinds het begin van mijn burn-out en ben ik vooral op zoek naar de versie die ik ooit was, zowel in mijn werk als privé. Ik ben erachter dat rouw om mensen die zó dichtbij je staan by far het meest complexe is dat ik ooit meegemaakt heb. Eerder verloor ik al mijn opa’s en oma’s, maar gemis van een moeder én mijn enige zus is van hele andere orde. Dat slaat een gat in je leven, wat nauwelijks te vullen is.
Zij die wij verliezen zijn nooit meer waar ze waren, maar altijd waar wij zijn.
Hoewel het nu, een jaar na het begin van mijn burn-out, langzaam weer een beetje bergop lijkt te gaan, voel ik dat ik nog een weg te gaan heb. Mijn verlangen naar vertraging en ruimte om even niets te hoeven blijft onverminderd groot. In rouw moet je al zoveel en uiteindelijk doet verlies ook gewoon ontzettend veel pijn. Mijn brein vecht constant naar controle en voorspelbaarheid, dat alles weer “normaal” wordt. Terwijl de wereld om mij heen doorgaat, staat een deel van mij nog steeds stil bij wat er gebeurd is en probeert mijn geest een werkelijkheid te begrijpen die niet klopt.
Ze zeggen ook wel dat je na een impactvol verlies nooit meer helemaal de oude wordt, dus misschien moet ik juist op zoek naar wie ik nú ben. Iemand met een ander verhaal op feestjes en een veranderde blik op het verleden, het heden én de toekomst. Veranderingen die in elke dag doorwerken, of ik het nou wil of niet.
Ik ben op zoek naar de oude, maar ook naar de nieuwe ‘ik’. Zowel in de betekenis die werk na dit alles nog voor mij heeft, maar ook in manier waarop ik mezelf staande moet zien te houden in een wereld die vaak andere dingen vraagt dan ik nodig heb. Er zijn dingen veranderd, er zijn dingen veel minder belangrijk geworden dan voorheen en er komen nieuwe dingen voor in de plaats. Maar ook dat is weer een heel nieuw proces van afscheid nemen en leren om in al dat gemis het moois te zien en verder te gaan.
Stapje voor stapje.


Je bent een kanjer, lieve vriendin!!! En je weet, je mag altijd even bij mij uithuilen/van je af praten.
Dikke knuff
LikeLike