Op zoek naar de rauwe kant van rouw

De dagen verstrijken, de tijd tikt door. Terwijl iedereen z’n gewone leven leidt, probeer ik elke dag opnieuw een weg te vinden in de leegte. Het gemis van warmte en geborgenheid van een moeder, die vaak te ver weg was en soms dichterbij. Een moeder is een zekerheid, een vanzelfsprekend gegeven, maar ook de belangrijkste en liefste vrouw in je leven. In alles is het gemis aanwezig, in alles word je met het gemis geconfronteerd, alles doet je beseffen hoe belangrijk ze voor je was.

Nu ze er niet meer is…

In de eerste maanden na mama’s overlijden overheerste de rust en was ik vooral op zoek naar het verdriet, leek de rouw al geweest te zijn. Inmiddels zijn er negen maanden verstreken en merk ik dat de rouw eigenlijk nu pas begint. Je voelt het grote gemis in alles. Na een intensieve, verdrietige en ongrijpbare periode van mantelzorgen, zien te leven met een levend verlies, kom je opeens tot stilstand en volgen er maanden van bijkomen, je eigen leven weer op de rit zien te krijgen. Het is zo’n bizarre roes waar je in zit tijdens zo’n ziekteproces, in terecht komt vlak na het overlijden en lang in blijft hangen in de eerste periode van rouw. Pas na een lange tijd verdwijnt die roes (gedeeltelijk). Pas dan komt het besef wat je doorgemaakt hebt. Dat er nu iemand ontbreekt in het leven van voorheen, dat er niet meer is.

Tijdens mama’s ziektebed leek het soms alsof ik niet door had dat het om m’n eigen moeder ging, omdat ze zo veranderd was in haar gedrag. Je functioneerde op de automatische piloot, een kwestie van overleven, gevangen tussen de zorg voor je eigen gezin en de mantelzorg voor je moeder of zelfs m’n beide ouders. Pas nu besef je dat die zorg wel degelijk voor je éigen moeder was. Je kunt je in die periode geen voorstelling maken van hoe het zal zijn als ze er niet meer is en je bent daar op geen enkele manier op voorbereid. Pas nu loop je tegen de dingen aan waar zij geen onderdeel meer van uitmaakt, wat je niet langer meer met haar kunt delen, waar je niet meer naar kunt vragen en ontstaat het grote gemis. Dat je nooit meer voor haar kunt zorgen, je nooit meer zorgen om haar kunt maken. Dat het nooit meer om je ouders, maar alleen nog om je vader gaat. Dat je hoe dan ook alle zorgen om hem, voortaan met je mee draagt.

Toch is het besef “het is voor altijd” er tot op de dag van vandaag nog niet. Het hoofd weet het wel, maar m’n hart is zo ver nog niet. Het is een gevoel van ongeloof, het is onwerkelijk. Alsof ze volgende week gewoon weer binnen wandelt, alsof het bij alle ellende van Corona hoort en ze vast weer op de stoep staat als Corona voorbij is. M’n gedachten gaan dan ook vaak terug naar die verschrikkelijke periode van vorig jaar. Ik speel de film keer op keer af, de laatste beelden, om maar door te laten dringen dat het echt gebeurd is. Het besef komt met vlagen, dan is het heel intens en dan dooft het weer. Doordat het nog steeds zo onwerkelijk voelt, is het ook moeilijk om bij je verdriet te komen. Rouw is een proces dat elke dag anders is. Dat je dag voor dag moet nemen. Iets wat zich niet laat uitleggen aan mensen die het niet kennen. Het is zo’n onwerkelijke situatie waar je in zit.

Ik hoorde iemand eens treffend verwoorden dat je de chaos in je hoofd kun vergelijken met het leven in een glazen stolp. Eenzaam. Je voelt je alleen, verloren en nietig, moeilijk te omschrijven. Terwijl ik elke dag bevangen wordt door het gemis van m’n moeder, gaat de wereld door. Rouw legt een groot beslag op je dagelijkse bestaan. Je leeft twee levens naast elkaar. Naast je verdriet is er een partner en een gezin om voor te zorgen, een drukke baan die aandacht verdient, vrienden en familie die je veel te weinig ziet. Allerliefst zou je wegkruipen in een hoekje, de pijn echt voelen, je echt kunnen verliezen in je verdriet, maar het gaat niet. Er is geen ruimte, geen tijd. Verdriet laat zich niet plannen in een agenda, op commando verschijnen. Slechts een enkeling kan begrijpen hoe jij je voelt, hoe je sommige dagen als een soort zombie het leven om je heen draaiende houdt, met fases van niks aan de hand tot boze uitspattingen om niets. Je bent veel prikkelbaarder, veel minder genuanceerd.

Je leeft lange tijd in het verleden. Continu in gedachten bij het verschrikkelijke jaar dat geweest is en alles van de periode ervoor wat niet meer terug komen zal. Je wilt de herinneringen niet kwijt raken, hoopt zo dichtbij haar te kunnen zijn. Tegelijkertijd doen die herinneringen nu vooral veel pijn. Herinneringen benadrukken dat wat er ooit was, er nooit meer zal zijn. Dat wat komen gaat, vakanties, verjaardagen en feestdagen ineens een heel stuk minder belangrijk en even niet zo gezellig zijn. Je leeft met de dag, morgen is al ver genoeg.

Toch moet je verder. Je wilt niet, maar je moet.

Je moet je leven opnieuw gaan inrichten en dat is het moeilijkste wat je ooit gedaan hebt. Hoewel rouw geen kwestie is van strategie, heb ik daar wel behoefte aan. Zo plan ik met regelmaat een mamadag. Een dag die in het teken staat van mama, mensen die dichtbij mama staan, of juist een dag voor mijzelf. Ik vlucht in datgeen wat ik wél kan controleren: werk en sport. Ik schrijf, ik lees zo nu en dan een boek en luister podcasts. Je hebt behoefte aan herkenning, richting en houvast, aan een handleiding die er niet is. Verhalen van anderen die eenzelfde verlies meemaakten helpen om een verklaring te vinden voor de chaos in je hoofd, geven je handvatten om verder te kunnen.

Tegelijkertijd zit ik in een continue strijd tussen hoeveel verdriet ik wil versus hoeveel verdriet ik mag hebben. Het is gek, jammer, maar ook begrijpelijk als ik terugdenk aan de periode voordat mijn eigen moeder overleed: je omgeving heeft een oordeel en een mening. Sowieso. Het is m’n vader, maar wellicht alleen m’n zus die écht voelt wat ik doormaak, die écht kan begrijpen waarom de rouw om mama juist zo verschrikkelijk moeilijk en verdrietig is. Toch is het soms lastig om het verdriet gezamenlijk te beleven, iedereen zit er op elk moment anders in.

Hoewel het nog niet zo heel lang geleden wel oké leek te gaan met het rouwen, is het nu duidelijk dat het nog wel even gaat duren. Zoveel rust als het gaf toen het lijden voorbij was, zoveel onrust geeft nu het besef dat ze nooit meer bij ons zal zijn. Je vraagt je af: wanneer is dit voorbij? Maar je komt er langzaam achter: er komt geen einde. Rouw verwerk je niet, het wordt deel van je verhaal. Een ouder verliezen is net en stoorzender, een ruis die er altijd is. Weg gaat en weer terug komt. Liefde voor je ouders gaat niet over door de dood. Het zit in je rugzak en hoort bij je. Voor altijd.

Rouw komt voort uit liefde. Zonder liefde geen rouw.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: